Encyclopedie   Over   Pantheon   RSS Feed   Thesaurus    Tijdschriften    Wijzigingen   Zoekmachine   
Posts tonen met het label Geologisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Geologisch. Alle posts tonen

dinsdag 21 juli 2015

Geologie en Toerisme in België

DEJONGHE, Léon, m.m.v. WUYTS Karine en KETELAERS, Quentin
Geologie en Toerisme in België
Belgische Geologische Dienst, Brussel, 2009
Wettelijk depot: D/2009/0339/8

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties had 2008 uitgeroepen tot het «United Nations International Year of Planet Earth» met activiteiten die zich uitspreiden van 2007 tot 2009. Alle informatie over dit onderwerp staat op de website: http://yearofplanetearth.org

 De Belgische Geologische Dienst vond dat dit evenement kon worden gevierd door de toeristische activiteiten die verband houden met de aardwetenschappen, in de schijnwerper te zetten. Het gaat hier dan meer bepaald om de musea, de toeristische mijnen en ondergrondse steengroeven, de grotten en de geosites, die in België te bezichtigen zijn. In de rubriek «mijnen en ondergrondse steengroeven» staan de sites waar vroeger een activiteit van mijnbouw heeft plaatsgevonden en die nog altijd kunnen worden bezocht. Wanneer de werkplaatsen zelf niet meer toegankelijk zijn, maar er een museum werd ingericht op de mijnterreinen, wordt de site beschreven onder de rubriek «musea». De «geosites» zijn opmerkelijke ontsluitingen die werden ingericht met didactische panelen. Deze verzameling heeft niet de pretentie exhaustief te zijn. In totaal worden in de brochure 53 sites besproken.
Bron: DEJONGHE, Léon, Geologie en Toerisme in Belgie,
uitgave van de Belgische Geologische Dienst n.a.v. het Internationaal Jaar van de Aarde
De publicatie geeft verder nog een lijst van de Belgische mergel- en kalksteengrotten zoals te Riemst, Han-sur-Lesse, Remouchamps edm

Gea Magazine Archief

Gea - Stichting Geologische Activiteiten is een overkoepeling van geologische verenigingen, die liefhebbers en verzamelaars van mineralen en fossielen groepeert in Nederland. Sinds 1968 brengt deze vereniging een kwartaalblad uit onder de titel 'Gea' dat zich naast onderwerpen van algemene geologische aard, vooral toelegt op de bespreking van mineralen en fossielen, alsook de vindplaatsen daarvan in verschillende streken en landen. 
 Het archief van de verschenen artikels in tijdschriften van de voorbije jaargangen 1968-2011 is online te raadplegen op de website Natuurtijdschriften;
zie ook:

Natuurtijdschriften

De website natuurtijdschriften biedt de mogelijkheid om archieven van oude jaargangen van tijdschriften van natuurverenigingen online te raadplegen. In Nederland worden tal van tijdschriften gepubliceerd over de bio- en geodiversiteit van het land. Naturalis nam het initiatief om uitgevers, natuurorganisaties en amateurverenigingen op deze gebieden de mogelijkheid te bieden om hun publicaties integraal online beschikbaar te stellen zodat iedereen ze kan downloaden en lezen. Zo bvb. de tijdschriften van;
zie ook:

donderdag 2 juli 2015

Die Entstehung der Kontinente und Ozeane

WEGENER, Alfred
Die Entstehung der Kontinente und Ozeane
Druk und Verlag Friedrich Vieweg & Sohn, Braunschweig, 1915
Alfred Wegener (1880-1930) was een Duits meteoroloog en aardwetenschapper. die vooral bekend is van zijn werk "Die Entstehung der Kontinente und Ozeane" (1915). waarin hij voor het eerst de continentenverschuiving en de platentektoniek beschreef.
Het baanbrekende werk van Alfred Wegener's beschrijving van de continentale drift verscheen voor het eerst in het Duits in 1915. Wegener legde verschillende verschijnselen van de historische geologie, geomorfologie, paleontologie, paleoklimatologie en vergelijkbare wetenschapsgebieden uit in termen van continentale drift.
Hij probeerde zijn thesis voornamelijk te onderbouwen door onderzoekingen te verrichten in het moeilijke domein van de paleoklimatografie. In de recente wetenschappelijke bewijsvoering wordt vooral gebruikt gemaakt van het domein van het paleomagnetisme.

 De originele duitse tekst is beschikbaar als e-book:
 

De Geschiedenis der Systematische Mineralogie

BEEKMAN, E.M.H
De Geschiedenis der Systematische Mineralogie
Technische Hogeschool, Delft, 1905

Proefschrift tot verkrijging van de graad van Doctor in de Technische Wetenschap aan de Technische Hogeschool te Delft
Op Gezag van den rector magnificus Dr. S. Hoogewerff, Hoogleeraar in de Afdeeling der Scheikundige Technologie en Mijnbouwkunde,
voor den Senaat te verdedigen op donderdag 15 november 1906, des namiddags ten 3 ure.
Inhoud:
De geschiedenis van de systematische mineralogie wordt behandeld aan de hand van vijf tijdvakken; Van ieder tijdvak is dan in 't kort de kennis behandeld, welke men van de mineralogie in het algemeen bezat, omdat deze nauw samenhangt met de denkbeelden over de systematiek. Dan volgen de verschillende systemen die in dien tijd eenig gezag hadden.

 1. Van Aristoteles (384-322) tot Albertus Magnus (1193-1280) Beginperiode der systematische mineralogie.
inzake de stand der wetenschap: [Aristoteles]
inzake de classificatie der Mineralen; [Theophrastus] p. 3, [Galenus], [Dioscorides] p. 4, [Plinius de Oudere] p. 6, [Avicenna] p. 5
2. Van Albertus Magnus (1193—1280) tot Georg Agricola (1490—1555) Opkomst van den mijnbouw en tengevolge daarvan toenemende kennis der mineralogie.
inzake de stand der wetenschap: [Albertus Magnus], [Averroes]
inzake de classificatie der Mineralen; [Basilius Valentinus] p. 7; blende, glanz, kies, klaas en spaat.
3. Van Georg Agricola (1490—1555) tot Axel Van Cronstedt (1722—1765) De systematiek berust uitsluitend op uiterlijke kenmerken.
Met o.a. inzake stand der wetenschap; [Theophrastus Paracelsus], [Baptista van Helmont], [Athanasius Kircher], [Conrad Gesner], [Christiaan Huyghens], [Antonius Leeuwenhoek], [Nicolaus Steno]

inzake de classificatie der Mineralen; [Georg Agricola] p. 8 & 13, [Anselmus Boetius de Boot] p. 16, [Hieronymus Cardanus] p. 24, [Andreas Caesalpinus] p. 15, [Linnaeus] p. 20

4. Van Axel Van Cronstedt (1722—1765) tot Jacob Berzelius (1779—1848) Begin der chemische systematiek.
Met o.a. inzake vooruitgang der wetenschap en chemie; [Robert Boyle], [Carl Wilhelm Scheele], [Joseph Priestley], [Henry Cavendish], [Louis Nicolas Vauquelin], [Antoine Laurent Lavoisier]

inzake de classificatie der Mineralen; [Axel Fredrik von Cronstedt] p. 39, Stelsel p. 41-44, [Torbern Olof Bergman] p. 45-47, Wallerius p. 48, Stelsel p, 52-53 met 76 genummerde Geslachten in 4 Klassen, [Martin Heinrich Klaproth], [Antoine François de Fourcroy] p. 54-55, Jean Démeste p. 55, Romé de l'Isle p. 55-57, [Abraham Gottlob Werner] p. 60, Stelsel p. 64-68 met 317 gerandnummerde mineralen en gesteenten, [Alexander von Humboldt], [Leopold von Buch], [Richard Kirwan] p. 68, Stelsel p. 72-73, [René Just Haüy] p. 75, Stelsel I p. 78-79, Stelsel II p. 116-117
Engelstalige Wikipedia-artikels bij gebrek aan nederlandstalige:

5. Van Jacob Berzelius (1779—1848) tot heden. Strijd tusschen de aanhangers der chemische en der natuurhistorische en overwinning der gemengde methode.

Met o.a. inzake vooruitgang der wetenschap en chemie; [Joseph-Louis Proust], [Joseph Louis Gay-Lussac], [John Dalton], [Sir Humpry Davy], [Anthony Carlisle], [Alessandro Volta];

inzake de classificatie der Mineralen; [Johan Jakob Berzelius] p. 101, Stelsel I p. 105-106, Stelsel II p. 107-108, [Friedrich Mohs] p. 108, Stelsel p. 110-112, [James Dwight Dana] pp. 115, 148 & 189, [Alexandre Brogniart] p.120-121, [Louis Albert Necker de Saussure] p. 152-156, [Pierre Armand Dufrénoy] p. 157-158 en inzake de voortgang in de blaaspijpmethode en spectraal analyse; [Robert Wilhelm Bunsen], [Gustav Robert Kirchhoff]
Engelstalige Wikipedia-artikels bij gebrek aan nederlandstalige:
zie ook:

A System of Mineralogy

DANA, James Dwight
A System of Mineralogy
Descriptive Mineralogy comprising the most recent discoveries
John Wiley and Son, Publishers, New York, 1837; Fifth Edition, 1868
Digitized by Google
Websites:
Het is Dana's verdienste om een indeling van het mineralenrijk, gebaseerd op de chemische samenstelling van de mineralen, gezaghebbend te maken door zijn derde editie van zijn 'System of Mineralogy' van 1850 daarop te baseren. De indeling was eerder voorgesteld door de Zweedse chemicus Berzelius en is gebaseerd op het anion of het zuurrestion zoals bvb. SiO4 in de chemische formule van het mineraal. Voordien werden mineralen gerangschikt op basis van fysische of morfologische eigenschappen zoals bvb. in de classificatie van de Duitse mineraloog Werner (1817). In navolging van het 'Systema Natura' (1735) van Linnaeus, dat een classificatie van de drie rijken, nl. de dierenwereld, de plantenwereld en het mineralenrijk uitwerkte, werd getracht een vierledige taxonomie aan te houden van Klassen, Ordes, Geslachten en Soorten, in Dana's classificatie aangeduid als Afdelingen, Reeksen, Groepen en Specimens. Merk op dat Dana in zijn andere werken over mineralogie een chemische indeling uitwerkte, die zich baseert op het kation of metaalion, eerder dan op de aniongroepen.
Na de ontdekking van de röntgenstralen in 1895 kon men vanaf het begin van de twintigste eeuw de inwendige kristalstructuur van mineralen bepalen met behulp van een techniek die [röntgendiffractie] wordt genoemd. In 1941 werd op basis daarvan door de Duitse mineraloog Strunz de kristalchemische classificatie van mineralen als systeem voorgesteld.
De classificaties van Dana en Strunz zijn nauw verwant en gebaseerd op de aniongroepen, enkel de indeling en numerieke volgorde der klassen en groepen verschilt. De indeling van Dana wordt nog vaak gebruik in de Verenigde Staten, terwijl de indeling van Strunz in Europa de meest gebruikte is. De 'International Mineralogical Association', die o.a. belast is om de naamgeving van de meer dan 4000 gekende mineralen te standaardiseren, hanteert de Nickel-Strunzclassificatie als internationale standaard.
Mineralen Classificatie naar Dana en Strunz:
  1. Elementen, legeringen, etc
  2. Sulfiden, Arseniden, etc
  3. Halogeniden
  4. Oxiden en Hydroxiden
  5. Carbonaten, Nitraten, Boraten
  6. Sulfaten, Chromaten, Molybdaten, Wolframaten
  7. Fosfaten, Arsenaten, Vanadaten
  8. Silicaten
    1. Nesosilicaten
    2. Sorosilicaten
    3. Cyclosilicaten
    4. Inosilicaten
    5. Phyllosilicaten
    6. Tectosilicaten
  9. Organische verbindingen
Bovenstaande links verwijzen naar MOORER, W.R., De Systematiek van Mineralen, artikelenreeks verschenen in Gea Magazine; het orgaan van de Stichting Geologische Activiteiten in Nederland
Dana's 'System of Mineralogy' omhelst als werk drie grote delen. In de inleiding behandelt Dana de verschillende hulpwetenschappen en technieken van de mineralogische wetenschap zoals de kristallografie, het bepalen van de fysische en chemische eigenschappen van mineralen, de naamgeving van mineralen en een uitgebreide bibliografie. Het hoofdbestanddeel van het werk bestaat uit de beschrijvende mineralogie waarin ruim 800 mineralen worden ingedeeld volgens onderstaande algemene chemische classificatie. Ieder besproken mineraal krijgt in de tekst een randnummer toegedeeld, waarna volgende informatie wordt weergegeven;
  • Nomenclatuur; naamgeving en eerste beschrijvingen van het mineraal.
  • Kristallografie; het kristalsysteem waartoe het mineraal behoort en de vormen waarin het voorkomt.
  • Fysische kenmerken van het mineraal als splijting, breuk, hardheid, soortelijk gewicht, glans, kleur en streek.
  • Chemische samenstelling (formule) en gekende chemische analyses van het mineraal.
  • Pyrognostiscs; de reactie van het mineraal op de blaaspijp en andere vormen van verhitting, het smeltpunt van het mineraal en de oplosbaarheid ervan in vloeistoffen.
  • Voorkomen van het mineraal in het milieu, begeleidende mineralen en gekende vindplaatsen. 

Oorspronkelijke indeling van de mineralen naar hun chemische samenstelling volgens Dana
Het boek sluit af met een appendix over de koolwaterstoffen (olie, steenkool), een 'Catalogue of American localities of minerals' met een opsomming van vindplaatsen in de Verenigde Staten en een index op mineraalsoorten.

Het werk is beschikbaar als e-book in de uitgebreide [Dana-Collectie op Internet Archive]:

The System of Mineralogy of James Dwight Dana (1837-1868): Descriptive Mineralogy, Sixth Edition of 1899 (Print:1904) by Edward Salisbury Dana - 102 Mb Facsimile weergave; 1287 blz.
Manual of mineralogy, including observations on mines, rocks, reduction of ores, and the applications of the science to the arts, with 260 illustrations, designed for the use of schools and colleges;
Second Edition of 1857 (Druk:1871) - 20 Mb Facsimile weergave; 460 blz.
Manual of mineralogy and lithology, containing the elements of the science of minerals and rocks. For the use of the practical mineralogist and geologist, and for instruction in schools and colleges;
Third Edition of 1878 (Druk:1886) - 54 Mb Facsimile weergave; 500 blz.
zie ook:

Principles of Geology

LYELL, Charles,
Principles of Geology
An attempt to explain the former changes of the earth's surface by reference to causes now in operation
Publisher John Murray, London, 1837

 Beschikaar als e-Book:
Charles Lyell (1797-1875) was een Brits advocaat, geoloog en paleontoloog, die het Actualisme of Uniformitarianisme van James Hutton verder uitwerkte en propageerde in zijn basiswerk ‘Principles of Geology’. Het was dit werk dat door Charles Darwin werd meegenomen en geraadpleegd tijdens diens expeditie met The Beagle.

 Charles Lyell was een leerling van William Buckland; de Engelse geoloog en paleontoloog die als eerste wetenschappelijk onderzoek verrichtte naar de dinosauriers. Hoewel aanvankelijk afwijzend werd Charles Lyell een aanhanger van de opkomende evolutietheorie van Darwin.


maandag 15 juni 2015

De Natura Fossilium

AGRICOLA, Georgius
De Natura Fossilium
(Over de aard der Delfstoffen)
Agricola's Textbook of mineralogy
The Geological Society of America, 1955
Translation from latin by Marc and Jean Bandy for the Mineralogical Society of America

Introduction (excerpts)

In Classical Times knowledge of minerals was based almost entirely upon philosophical speculations.

 Aristotle is the first known to us to have presented a comprehensive theory of the origin and nature of minerals. In his Meteorologica he advanced the theory that all natural substances consisted of four properties, dryness, dampness, heat and cold, and these were combined in the four primitive elements, water, air, earth and fire.

 Another early treatise on minerals was De Mineralibus by Theophrastus, a contemporary of Aristotle. Theophrastus accepted the theory of four primitive elements and separated mineral substances into two classes, those affected by heat and those not affected.

 The next important work on minerals was the monumental Natural History of Pliny, an encyclopedia of the entire field of Nature, written in 77 a.d. In it are collected all the theories, fables and observations of Greek, Latin and Oriental writers up to that time. This work served as the au­thority and source book for writers on Natural History subjects for six­teen centuries.

 There was no important work on mineralogy from the time of Pliny until Agricola published his De Natura Fossilium in 1546.

 During the intervening fourteen centuries that spanned the rise and fall of the Roman Empire and the Dark and Middle Ages, writers on mineralogical subjects merely elabo­rated on the information and much of the misinformation contained in Pliny's Natural History. The development of mineralogy, if it could be called development, can be traced through the numerous lapidaries and encyclopedias that began to appear after the time of Pliny.

 Prior to the publication of De Natura Fossilium few writers had at­tempted to classify minerals. The common practice was to either list all minerals alphabetically or first describe the more common and better known minerals and then list the remaining in alphabetical order. Without the sister sciences of chemistry and crystallography the only basis for a classification in the sixteenth century was the physical properties

 Agricola, with the opportunity and desire to study the physical properties of minerals by observation, was able to work backward through the litera­ture and separate many facts about minerals from the mass of fantasies of the earlier writers.

He was the first to propose a systematic mineral classification, one based upon observed physical properties. It is for this contribution in De Natura Fossilium that he is justly known as the Father of Mineralogy.

 Agricola recognized and used all the physical properties of minerals known to present day mineralogists. The outline of his classification is as follows:
Non-Composite
Minerals Simple
Earths
Congealed
Juices
Harsh
Unctuous
Inflammable Stones
Non-inflammable Stones

Gems
Marbles
Rocks
Metals Mixed
Composite Minerals
Aside from its historical interest this work is of particular value in giv­ing mineral localities and describing the occurrence of many ore minerals for the first time.

From the Dedication to the Duke of Saxony

Philosophy which treats of the origins, causes and natures of things, Illustrious Prince, has been divided into many parts and must explain very difficult things. For example, it expounds the divinity and reality of God, the heavens and stars, the elements, causes, interrelationships between these things, changes in the atmosphere, as well as living and subterranean bodies and their origins. The concept of God has aroused all nations and peoples but the Jews, Egyptians and Greeks were the first to consider the nature of God. The Chalddeans after long observation and the Greeks after careful study came to know the stars and learned to measure the heavens. The Greeks, more than any other people, studied the elements, their causes, and the interrelationship between natural bodies. Aristotle considered the movements and changes in the atmosphere as well as the species, nature and origin of living matter. Theophrastus has discussed the causes and natures of original life. But the subject of subterranean things in which we are most interested has never been properly treated.

Contents:

    /Introduction
    /Dedication to the Duke of Saxony
    /Book I Physical properties of gemstones and minerals
    /Book II Different applications of earths and their occurences
    /Book III Congealed Juices - Halite, Nitrum, Alum, Chrysocolla, Realgar, Sulphur
    /Book IV Congealed Juices - Bitumen, Jet, Pliny's Gems, Amber
    /Book V Lodestone, Hematite, Gypsum, Mica, Asbestos, Fossils, Geodes, Whetstones
    /Book VI Gems, Diamond, Emeralds, Sapphire, Topaz, Chrysoberyl, Carbuncle, Jaspis
    /Book VII Marbles, Onyx, Silex, Rocks, Sands, Petrified Wood
    /Book VIII Metals and their Alloys, Coins
    /Book IX Artificially Coloring with Metals such as Gold-, Silver-, Copper-Plating
    /Book X Mixtures and Compound Substances, Metal Ores

zie ook:

De Re Metalicca


AGRICOLA, Georgius
HOOVER, Herbert; HENRY HOOVER, Lou (transl.)
De Re metalicca
(Over de metalen zaken)
Translated from the First Latin Edition of 1556
Dover Publications, Inc., New York, 1950
Volledige en onveranderde herdruk van de engelse vertaling uitgegeven door 'The mining Magazine' te London in 1912. De vertalers waren Herbert Hoover, een mijningenieur, die later de 31ste president van de Verenigde Staten zou worden, en zijn vrouw, Lou Henry Hoover, een geoloog en latinist. De vertaling is opmerkelijk, niet alleen door de helderheid van de taal, maar vooral omwille van de uitgebreide voetnoten.
Het voetnotenapparaat bevat details omtrent de klassieke verwijzingen naar mijnbouw en de metaalindustrie, zoals de Historia Naturalis van Plinius de Oudere, de geschiedenis van de mijnbouwwetten in Engeland, Frankrijk en de Duitse staten, de veiligheid in de mijnen, met inbegrip van historische verwijzingen hieromtrent.
Ook de destijds bekende mineralen en hun classificatie, zoals door Agricola uitgewerkt in zijn andere boek 'De Natura Fossilium', komen in de voetnoten uitgebreid aan bod.

De inhoud van dit 16de eeuwse handboek mijnbouwkunde bestaat uit 12 boekdelen, de eerste zes delen behandelen de prospectie, exploratie en exploitatie van metaalertsen in ondergrondse mijnbouw, de laatste zes delen geven aan hoe de gewonnen metaalertsen dienen te worden bewerkt in metallurgische processen om er metaal uit te winnen. Hoewel Agricola in zijn tijd bekend was met steenkool en in zijn 'De Natura Fossilium' rangschikte onder de bitumen, geeft hij in 'De Re Metalicca' aan, dat de ovens die gebouwd werden om de ertsen te smelten, werden gestookt met houtskool.

 Inhoud:
  1. Boek I: Argumenten voor en tegen deze kunst
  2. Boek II: De mijnwerker en een betoog over het vinden van aders
  3. Boek III: Aders, insluitsels en naden in de rotsen
  4. Boek IV: Onderverdeling van aders en de functies van mijnbouwambtenaren
  5. Boek V: Het graven naar erts en de landmeter kunst
  6. Boek VI: Gereedschappen en machines voor de mijnwerkers
  7. Boek VII: Over het analyseren van erts
  8. Boek VIII: Roosteren, kneden en wassen van erts
  9. Boek IX: Methoden voor het smelten van ertsen
  10. Boek X: Scheiden van zilver van goud en lood uit goud of zilver
  11. Boek XI: Scheiden van zilver uit koper
  12. Boek XII: Fabricage van zout, soda, aluin, vitriool, zwavel, bitumen en glas

Ons Mijnverleden

Persoonlijke Website van Cosimo Etneo, die als oud-mijnwerker van de steenkoolmijn te Houthalen getuigt van zijn leven en werken ondergronds.

 zie ook:

Nederlands Mijnmuseum Heerlen

De Website van het Nederlands Mijnmuseum te Heerlen behandelt de geschiedenis van de Nederlandse Staatsmijnen in Limburg en ontsluit overvloedig beeldmateriaal met behulp van flash html.

 Meer informatie over de Nederlands-Limburgse mijnstreek:
zie ook:

vrijdag 25 februari 2011

Seismologie











Website van de Koninklijke Sterrenwacht België, afdeling Seismologie, met overzichten van aardbevingen in België en de wereld en met seismogrammen in realtime van de Belgische meetstations te Ukkel (Brussel), Membach, Eben-Emael (Luik) en Dourbes (Namen).

zondag 29 augustus 2010

De Wereld voor de Schepping van den Mensch


FLAMMARION, Camille (1842-1925)
De Wereld voor de Schepping van den Mensch (1886)
Project Gutenberg EBook #19585, 2006
Oorspronkelijke titel uitgegeven bij: Thieme, Zutphen, z.j.
Nederlandse Vertaling:
Boudewijn Casper Goudsmit (1849-1915)
Inhoud:
Geologische geschiedenis van de aarde met een paleontologische beschrijving van de aanwezige fauna in de verschillende geologische formaties aangetroffen als fossielen.
668 blz. op 24,5 x 17 cm. Bevat enkele kleurenplaten, zwart-witte gravures en tekstillustraties.
Eerste Boek: De Geboorte der Aarde
Tweede Boek: Het Azoïsche tijdperk
Derde Boek: Het Primaire tijdperk (Devoon, Carboon, Perm)
Vierde Boek: Het Secundaire tijdperk (Trias, Jura, Krijt)
Vijfde Boek: Het Tertiaire tijdperk (Eoceen, Mioceen, Plioceen)
Zesde Boek: Het Quaternaire tijdperk (Pleistoceen, IJstijd, Gletsjers en Mammoeten; de Primaten en de eerste Mens)

Websites:

zaterdag 28 augustus 2010

Planet Earth


Planet Earth
PBS Television Series, 1986
Produced by WQED Pittsburgh in association with The National Academy of Sciences
Narrated by Richard Kiley
Sponsored by Annenberg / CPB Project and IBM
Published by Orion Channel
[ISBN 9077742344 (Wikipedia, Worldcat, Books Google)]
Speelduur: ca. 120 minuten (60 minuten per aflevering)

Links:

De planeet aarde is een paradijs in een vijandig heelal. Andere planeten, die op onze aarde lijken, zijn onbewoonbaar. De aarde echter bezit de juiste eigenschappen om zonnewarmte te absorberen en te weerkaatsen. In ongeveer 4 miljard jaar heeft de aarde zich gevormd tot een bijzondere plaats in het heelal. Deze DVD-reeks, winnaar van een Emmy Award voor beste documentaire, laat zien hoe de aarde zich in al die jaren heeft kunnen ontwikkelen tot de planeet die wij nu kennen.

Inhoud:

De Levende Planeet

Vulkanen, aardbevingen, de aarde is voortdurend in beweging. Door het bestuderen van de aardkorst krijgen wetenschappers meer en meer zicht op de constante krachten van onze planeet. Na een vlucht door de Grand Canyon om de gelaagdheid van de aardkorst aan te tonen begeven we ons naar Edinborough, waar in de achttiende eeuw de opmerkzame James Hutton, door zijn waarnemingen aan de kusten van Schotland, de eerste grondslagen legde voor de geologische wetenschap en daardoor de titel van de vader van de geologie verdient. Alfred Wegener is de volgende grote geologische figuur die aan bod komt in deze documentaire, die volledig gewijd is aan de zgn. platentektoniek. In deze produktie, die werd gesponsord door o.a. IBM, zien we goed de enorme vooruitgang die de aardwetenschappen hebben doorgemaakt dankzij de luchtfotografie, de ruimtevaart en de informatica.

Originele Titel:
Episode 1: The Living Machine

De Blauwe Planeet

Duik de oceanen in en ontdek nieuwe levensvormen. Maar opgepast, water kan ook verwoestende krachten ontwikkelen, zoals stormen en zeebevingen.

Originele Titel:
Episode 2: The Blue Planet

dinsdag 24 augustus 2010

Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen


Dit belgische nationale natuurhistorisch museum is vooral bekend voor zijn galerij van de dinosauriërs met meer dan 30 complete skeletten, waaronder de bekende Iguanodons van Bernissart. Daarnaast bevat het museum nog uitgebreide collecties mineralen en opgezette specimens uit het dierenrijk. De instelling maakt deel uit van de federale wetenschappelijke instellingen die resorteren onder [de programmatorische overheidsdienst wetenschapsbeleid].

KBIN Bibliotheek


De bibliotheek van het Museum voor Natuurwetenschappen beschikt over een van de grootste collecties natuurwetenschappelijke boeken en tijdschriften van Europa. Bovendien kunt u in de cartotheek een rijke verzameling geografische, hydrologische en geologische kaarten inkijken. De website biedt toegang tot de online catalogus van de bibliotheek, alsook een koppeling naar de gemeenschappelijke catalogus van de bibliotheken van de Federale Overheidsdiensten.

Naturalis











Naturalis is de hedendaagse benaming van het nederlandse nationale natuurhistorisch museum te Leiden. Aanvankelijk betrof het collecties die afhingen van de Rijksuniversiteit Leiden en ondergebracht waren in het het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie en het Rijksmuseum van Geologie en Mineralogie. Deze musea waren enkel toegankelijk voor het academisch personeel of konden op afspraak worden bezocht door particulieren en groepen. In 1986 werd besloten dat deze musea publiek toegankelijk dienden te worden en kwam Naturalis tot stand. Sinds januari 2010 is NCB Naturalis gelanceerd, wat voluit staat voor Nederlands Centrum voor Biodiversiteit Naturalis. Bedoeling is de collecties van het Zoölogisch Museum Amsterdam en van het Nationaal Herbarium Nederland samen te voegen met deze van Naturalis in samenwerking met de universiteiten van Amsterdam, Leiden en Wageningen. zie ook:

Natuurinformatie


Natuurinformatie.nl is een vat vol kennis over de natuur, over biologie en over geologie. Je kunt hier op eenvoudige wijze meer dan 6000 artikelen doorzoeken, geschreven door experts van onder andere Naturalis, Ecomare, Vogelbescherming Nederland en TNO Bouw en Ondergrond. Er is ook de mogelijkheid om een vraag te stellen die door een expert op dat gebied behandeld zal worden.

zaterdag 21 augustus 2010

Veldatlas voor Cenozoïsche fossielen Van België


GEYS, J.F.; MARQUET, R.
Veldatlas voor Cenozoïsche fossielen van België
Deel I: Het Neogeen
Publicatie van de Belgische Vereniging voor Paleontologie v.z.w.
Uitgever Dr. W. Backhuys, Rotterdam, 1979
[ISBN 9062790119 (Wikipedia, Worldcat, Books Google)]

Website Vereniging
zie ook:

Zelf Mineralen Determineren


TAMBUYSER, Paul
Zelf Mineralen Determineren
Mineralogische Kring Antwerpen v.z.w., Antwerpen, 1982
192 blz., geglaceerd papier, gebrocheerd (eerste 60 blz. zijn losgekomen)

Website Vereniging:
Dit boek is bedoeld als hulpmiddel om de meest voorkomende mineralen te determineren zonder dat een uitgebreid instrumentarium is vereist; maar om met enkele eenvoudige middelen de fysische en chemische kenmerken van mineralen te bepalen die nodig zijn om tot een positieve determinatie te komen. Het boek beschrijft eenvoudige experimenten met een bunzenbrander en een blaaspijp om smeltbaarheid en vlamkleur te testen, alsook de oplosbaarheid in zuren en het gebruik van zware vloeistoffen om het soortelijk gewicht te bepalen. Deze uitgave bevat twee uitvoerige determinatietabellen die primair geordend zijn op kleur en hardheid met verwerking in de tabellen van de verdere parameters zoals kleur, streek, glans, hardheid, dichtheid, stevigheid, splijting, breuk, kristallen en aggegaten.

Software voor mineralendeterminatie: