dinsdag 18 mei 2010

Ethica Nicomachea


ARISTOTELES
Ethica Nicomachea
Integrale engelse vertalingen van deze klassieke griekse tekst zijn te vinden op:
Kernwaarden: Geluk, Moed, Rechtvaardigheid en Vrienschap

Van Robert Flacelière vernemen we welk onderricht Aristoteles zou hebben gegeven aan Alexander de Grote;
Het verstand en de belangstelling van Alexander lag ver boven het gemiddelde en zijn bijzondere wakkere geest was begerig naar kennis. Wij zouden het lesrooster willen kennen, door Aristoteles opgesteld en gevolgd, maar we kunnen in ins geval alleen veronderstellingen maken - overigens zeer aanneembare. ...

Hoewel we geen enkel werk hebben van Aristoteles dat speciaal voor zijn leerling is geschreven, weten we toch door Plutarchus dat de wijsgeer, die ook taalkundige was, een exemplaar van de Ilias voor Alexander van aantekeningen had voorzien, een exemplaar dat de veroveraar meenam naar Azië in een kistje van kostbaar hout, met goud opgelegd, dat gevonden is tussen oude schatten van Darius. Daarom wordt dit de boek de "cassette-uitgave" genoemd. Ongetwijfeld heeft Aristoteles ook toen het eerste ontwerp opgesteld voor zijn Homerische vragen.

Het zedelijk ideaal van Aristoteles zoals dit blijkt uit zijn Ethica van Nicomachus; de voornaamste deugd is volgens Aristoteles de grootheid van ziel, de grootmoedigheid, waaraan hij in het vierde boek, derde hoofdstuk, van zijn Ethica deze schone lofrede wijdt:

"De edelmoedige acht zich in staat tot het volbrengen van grote daden, en is daartoe ook in staat. Hem komt de hoogste lof toe, omdat hij tegelijkertijd de deugdzaamste van alle mensen is. Want hoe rechtschapener men is, hoe meer men zich de hoge onderscheidingen waardig toont, en de beste van allen verdient het hoogste aanzien. De grootheid in het beoefenen van iedere deugd zou een kenschetsing van de grootmoedigheid kunnen zijn [...] De grootmoedigheid denkt vooral aan de eer. In geluk zowel als ongeluk kent hij overmatige vreugde noch smart. Deze mensen schijnen alles van bovenaf te bekijken. [...] De grootmoedige stelt zich aan de ergste gevaren bloot en spaart zich niet in hachelijke omstandigheden, want hij meent dat de mens niet tot iedere prijs moet willen leven. Terwijl hij anderen vermag goed te doen, schaamt hij zich bijna het goede van anderen te ontvangen. De weldaden hem bewezen geeft hij vermenigvuldigd terug."

Het was wenselijk de prins de hulpmiddelen der welsprekendheid te leren, die hij nodig zou hebben om te overtuigen, aan te moedigen of te ontraden. Juist Aristoteles heeft ons een verhandeling nagelaten over de kunst der welsprekendheid.

zie over deze kunst der welsprekendheid:
Aangehaald uit:
WALTER, Gérard, FLACELIERE, Robert, e.a., Alexander de Grote, reeks Genie en Wereld, Uitgeverij Heideland, Hasselt, 1968

Geen opmerkingen:

Een reactie posten